Ted Brandsen danste, na onder andere balletles te hebben gehad van Ine Rietstap, tien jaar bij Het Nationale Ballet waar hij al gauw talent bleek te hebben voor choreografie. Na diverse succesvolle creaties (met o.a. een Perspectiefprijs voor Four Sections) werd Ted benoemd tot artistiek directeur van het West Australian Ballet in Perth. Begin 2002 keerde Ted terug naar Het Nationale Ballet, aanvankelijk in de positie van adjunct artistiek directeur en huischoreograaf om in juli 2003 te worden benoemd tot artistiek directeur. Sinds zijn terugkeer creëerde Brandsen meerdere succesvolle balletten en werden 'Australische' balletten zoals Carmen en Pulcinella aan het repertoire toegevoegd.
Met het oog op het vijftigjarig jubileum in 2011 stelden de volgende personen een vraag aan Ted:
Conrad van de Weetering: ex-danser HNB, choreograaf, criticus, danshistoricus en publicist
Benjamin Feliksdal: ex-solist HNB, publicist
Col Prevoo: ex-danser HNB, psycholoog, trainer, coach en adviseur
Ine Rietstap: ex-danseres, dansrecensent
Dhian Siang Lie: ex-danser HNB, adjunct Technisch Directeur het Muziektheater
Col Prevoo:
Hoe heeft je eigen ervaring en kennis van het klassiek ballet je geholpen of juist tegengewerkt in het leiden van een gezelschap?
'Ik ben laat aan ballet begonnen en heb dus niet alles met de paplepel ingekregen. Soms wilde ik wel dat ik meer ervaring had in klassieke solistische rollen om solisten vanuit eigen ervaring te kunnen begeleiden, maar dat is nu eenmaal niet het geval. Daartegenover staat dat ik hele andere ervaringen en achtergrond meeneem en dat het niet noodzakelijk zo is dat een goede solist ook een goede docent of artistiek leider wordt. Juist omdat ik laat begon heb ik heel hard moeten werken en heel bewust voor dit vak gekozen.'
Conrad van de Weetering:
Sonia Gaskell, de oprichtster van zowel Ballet Recital en het Nederlands Ballet bracht met haar formule - evenwicht tussen historie en de eigen tijd - ook Het Nationale Ballet tot stand. Wordt bij dit jubileum aandacht besteed aan haar?
'Uiteraard besteden we bij dit jubileum aandacht aan Sonia Gaskell en haar ongelooflijke bijdrage aan de Nederlandse danskunst, al weet ik niet of dat voor iedereen op de door hem of haar gewenste wijze zal gebeuren.'
Benjamin Feliksdal:
In het verleden was het altijd een discussie waarom er zoveel buitenlandse dansers in de groep waren. Kijkend naar het tableau van nu, kan de discussie alleen maar zijn waarom er zo weinig Nederlandse dansers in de groep zijn. Mijn vraag luidt daarom: is hier nog een discussie over en zo ja, wat zijn de plannen voor de toekomst om daar wellicht weer verandering in te brengen?
'Ik zou graag willen dat er weer meer Nederlandse dansers in de groep zouden komen, maar dan moeten ze natuurlijk wel op internationaal niveau staan en de competitie met andere dansers aankunnen. Nationaliteit is niet hetzelfde als kwaliteit. Juist om de opleiding en toekomstmogelijkheden van jonge Nederlandse dansers te verbeteren, zijn we veel intensiever gaan samenwerken met de Nationale Balletacademie. Ik ben heel blij met die goede samenwerking en het team dat onder leiding van Christopher Powney met een geweldig elan aan een nieuwe toekomst voor de dans in ons land werkt.'
Dhian Siang Lie:
Is er voor je gevoel iets verloren gegaan - in vergelijking met de periode dat Het Nationale Ballet nog in Stadsschouwburg huisde? Zo ja, wat is dat dan? Zo nee, zijn er wellicht zaken die voor de toekomst in het Muziektheater nog verbeterd kunnen worden?
'Ik ben niet zo nostalgisch aangelegd, en hoewel ik met veel plezier terug denk aan de periode in de Stadsschouwburg, is Het Muziektheater in alle opzichten een enorme stap vooruit geweest voor de groep. Niet alleen in de zin van betere faciliteiten, grotere theatrale mogelijkheden etc., maar ook artistiek heeft het groei betekend voor de groep. Het intieme van de Stadsschouwburg mis je soms voor bepaalde stukken - je bent daar dichter bij de dansers en voor een deel van het repertoire is dat geweldig - maar je zou er toch niet aan moeten denken om The Sleeping Beauty daar nog een keer op het podium te moeten proppen!'
Ine Rietstap:
Hoe zie je de toekomst van dans in Nederland en wat voor een rol kan HNB daarin spelen?
‘Ik zie de dans in Nederland grote veranderingen ondergaan in organisatie, in hoe er gewerkt wordt en wie er werk maakt. Veel kleinere moderne groepen zullen het door deze regering gevoerde beleid heel moeilijk krijgen - als ze het al overleven. Degenen die het gaan redden zijn de mensen of groepen die een duidelijke eigen signatuur hebben, mensen kunnen raken met hun werk en een (groot) publiek betrekken bij hun ontwikkeling. Ik denk ook dat er meer samenwerking zal komen tussen verschillende makers, dat bestaande groepen zullen verdwijnen en er nieuwe initiatieven zullen ontstaan.
Als grootste dansgezelschap van ons land heeft Het Nationale Ballet (HNB) een grote verantwoordelijkheid in deze tijd van veranderingen. Verantwoordelijkheid voor het in stand houden van wat er is opgebouwd en voor talentontwikkeling, zowel op choreografisch als uitvoerend gebied. Die verantwoordelijkheid zullen we ook op ons nemen, want ik zie HNB wel als een soort moederschip van de Nederlandse dans. Naast onze missie om ons dansante erfgoed levend en sprankelend te houden hebben we ook als taak om - onze kunstvorm ballet - en - de taal van dans - verder te ontwikkelen. Dat betekent dat er meer en andersoortige samenwerkingsverbanden zullen komen van HNB met anderen.
Tot slot geloof ik absoluut in de kracht van onze kunstvorm, die al vaker door moeilijke tijden is gegaan. Dans is een eerste levensbehoefte van de mens - en geen franje, geen luxe - en daarom zullen er altijd mensen zijn die willen dansen en een publiek die dat wil zien.'
september 2011



